Sektarisch geweld in Syrië treft voornamelijk alawitische vrouwen

Analyse

‘Vrouwen vormen de eer van de Syrische samenleving’

Sektarisch geweld in Syrië treft voornamelijk alawitische vrouwen

Sektarisch geweld Syrië
Sektarisch geweld Syrië

Sinds de machtswissel in Syrië vormen alawitische vrouwen het mikpunt van ontvoeringen. Die passen in een patroon van sektarisch geweld dat ook andere gemeenschappen treft. ‘Het Assad-regime heeft alles kapot gemaakt. Maar deze vrouwen verzetten zich tegen de angst.’

‘Waarom onze dochter?’, vragen de ouders van de 20-jarige Batoul Alloush met gebroken stem tijdens een telefoongesprek. Batoul verscheen op 29 april voor het laatst op de campus van de universiteit in Latakia, een stad in het westen van Syrië.

Een week later, op 7 mei, duikt ze op in een video waarin ze zegt: ‘Ik ging weg omwille van God. Hamdilla (God zij geprezen, red.). Ik ben niet ontvoerd, maar stond onder druk en verliet het huis vrijwillig.’ Ze draagt een lange islamistische jurk die ook het haar bedekt. Het is een breuk met hoe ze zich voor 29 april kleedde, in jeans en zonder hoofddoek.

Volgens haar moeder Rua was tot die dag alles normaal. ‘Ze verbleef in een studentenkamer op de campus en kwam elke woensdag naar huis. Op 28 april belden we nog. Ze vertelde over alledaagse dingen, wat ze kookte, hoe het met haar vrienden ging.’

De dag erop, op 29 april, belde Batoul rond 12 uur opnieuw met haar moeder. ‘Om 13.17 uur stuurde ze dan een spraakbericht dat ze nog op de universiteit was. Ze zou tegen 14 uur thuis zijn, maar ze zou bellen zodra ze op de bus stapte.’ Maar Batoul kwam niet thuis en Rua begon zich zorgen te maken. ‘Ik stuurde haar berichten, maar kreeg geen antwoord. Haar vader belde, maar haar gsm stond uit. We dachten aan een ongeluk en begonnen rond te vragen.’

Op zoek naar Batoul

De ouders beschrijven hoe hun zoektocht hen van de ene persoon naar de andere leidt. Ze bekeken camerabeelden van de campus, maar zien Batoul niet vertrekken. ‘We zagen slechts twee ingangen. Andere beelden mochten we niet bekijken’, vertelt vader Suleiman.

Ze wendden zich tot de verantwoordelijke van de universiteit in Latakia, een sjeich. Dat is een islamitische religieuze autoriteit die onder het bewind van de Syrische interim-regering ook invloedrijke functies bekleedt binnen openbare diensten, justitie en veiligheidsdiensten. ‘Hij zei dat het “mysterie van onze dochter” bij sjeich Salah ligt in Jableh Corniche’, zegt Suleiman. Corniche is de boulevard langs de kust van de stad Jableh, op driekwartier rijden van Latakia.

‘Toen we in Jableh aankwamen, bleek de sjeich, een veiligheidsagent, op vakantie in zijn dorp in Idlib’, gaat Suleiman verder. Idlib ligt in het noordwesten van Syrië. ‘De politie in Jableh stuurde ons terug naar de politie in Latakia. De procureur-generaal in Latakia belde dan weer naar de politie in Jableh. Het was toen pas dat er een doorbraak kwam. Het hoofd van de politie in Jableh, ook een sjeich, zei aan de procureur-generaal dat Batoul “bij hen” was.’

De ouders bezochten Batoul samen met hun kleinste dochter Sousou op de afdeling strafrechtelijk onderzoek van de politie in Jableh. ‘Het was net een horrorfilm’, herinnert Rua zich. ‘Batoul zat als een standbeeld in een ruimte met vijf geheime agenten en een rechter. Ik was in shock. Ze was volledig bedekt. Ze droeg een groene islamitische jurk, zwarte handschoenen en een zwarte hoofddoek. Alleen haar gezicht was zichtbaar. Ze reageerde niet. We probeerden haar te kussen en te omhelzen. We huilden, maar Batoul gaf geen krimp. Als ze al iets zei, klonk ze als een robot.’

Plots vloog de deur open en een man omringd door dertig gewapende mannen kwam binnen, vertelt Rua. ‘We wisten meteen dat het sjeich Salah was, want iedereen riep zijn naam. Het was intimiderend. Ik had het gevoel dat zelfs de rechter bang was. Die probeerde nog te protesteren tegen de inval, maar niemand luisterde.’

‘Een medewerker van sjeich Salah, die volgens de rechter niet in de zitting thuishoorde, zei dat de sjeich zijn prins en meester is. Hij verhief zijn stem en zwaaide zijn hand omhoog. Hij zei dat Batoul kan doen en zeggen wat ze wil, en dat geen enkele macht op aarde haar terug naar haar familie zal laten gaan’, zegt Rua.

Klimaat van straffeloosheid

De zaak van Batoul zorgt voor beroering op sociale media en in de pers. Sommigen spreken van een ontvoering, anderen ontkennen dat. Nog anderen zeggen dat er te weinig informatie is om een conclusie te trekken. Wat vaststaat, is dat Batoul tot de alawitische gemeenschap behoort, een religieuze minderheid in Syrië die een groot deel van de bevolking associeert met de voormalige Syrische president Bashar al-Assad, ook een alawiet.

Sinds de machtswissel van 8 december 2024 documenteren mensenrechtenorganisaties een opflakkering van ontvoeringen en seksueel geweld tegen alawitische vrouwen en meisjes. De ontvoeringen passen in een patroon van aanhoudend sektarisch geweld, waarbij ook vrouwen en mannen uit andere gemeenschappen slachtoffer zijn. Dat meldt de Onafhankelijke Onderzoekscommissie voor Syrië van de Verenigde Naties. Die commissie onderzoekt sinds 2011 mensenrechtenschendingen in Syrië.

Volgens de VN-commissie gaat het grootste deel van de meldingen tussen 8 december 2024 en 31 januari 2026 over ontvoeringen van alawitische meisjes en vrouwen. De VN-commissie stelt dat alawieten het doelwit zijn door ‘hun daadwerkelijke of vermeende banden met de voormalige regering, of door hun religieuze identiteit.’

Nog volgens de commissie vinden de ontvoeringen plaats ‘tegen een achtergrond van geweld en wetteloosheid’. Mensenrechtenorganisatie Syrians For Truth and Justice spreekt over een combinatie van onvoldoende veiligheidspersoneel, een versnipperde machtsstructuur, economische motieven, sektarische wraak en een klimaat van straffeloosheid.

Uiteenlopende cijfers

De VN-commissie kon twintig meldingen van ontvoeringen van alawitische vrouwen verifiëren, maar vermoedt dat het werkelijke aantal veel hoger ligt. Volgens mensenrechtenorganisatie Anat, Organization for Human Rights and Justice, gaat het om minstens 120 dossiers. De organisatie brengt families van vermiste vrouwen in contact met internationale instanties, waaronder de VN-commissie.

Inana Barakat, medeoprichtster van Anat, legt uit waarom de cijfers zo uiteenlopen. ‘Wanneer het Anat-team op sociale media een ontvoering ontdekt, of wanneer de familie van een vermiste vrouw ons contacteert, nemen we een getuigenis af. Onze advocaten verzamelen dan bewijsmateriaal, zoals berichten en opgenomen telefoongesprekken met bijvoorbeeld de ontvoerders.’

‘Maar de VN kunnen niet alle gevallen opvolgen. De commissie wijst in haar rapport op een tekort aan middelen, maar ook op beperkingen om vaststellingen te kunnen bewijzen’, gaat Barakat verder. ‘Teruggekeerde vrouwen getuigen bijvoorbeeld dat ze vastzaten in niet-geregistreerde gevangenissen in Idlib. Daar kennen we de locatie niet van. Bovendien is het niet overal veilig in Syrië en de interim-regering kan hulpverleners niet beschermen. De bewegingsvrijheid in het land is beperkt.’

Daarnaast zijn er families die hun verklaringen uit angst of onder druk intrekken. ‘Sommigen komen later wel opnieuw terug’, zegt Barakat. ‘Organisaties zoals Amnesty International zijn dan sneller dan de VN om die verklaringen te onderzoeken en te documenteren. En Anat werkt rechtstreeks met families ter plaatse. Daarom hebben wij het grootste aantal dossiers.’

Volgens Anat keerden 71 alawitische vrouwen terug naar hun familie, 8 blijven er vermist, en in 41 dossiers was er contact met ontvoerders, maar keerden de vrouwen niet terug. ‘In 90% van de gevallen lieten ontvoerders slachtoffers vrij nadat de families losgeld hadden betaald. Soms betaalden families echter zonder dat de vrouwen in kwestie vrijkwamen. Sommige meisjes namen contact op met hun echtgenoot en vroegen om te scheiden, zodat ze met iemand anders kunnen trouwen. Waarschijnlijk zijn ze verkocht.’

‘Ik adem door mijn dochters, ze zijn het licht in mijn ogen. Nu huilen mijn ogen om hen.’

Op sociale media circuleert een video van Batoul waarin ze samen met een jonge man over de boulevard in Jableh wandelt en een ontspannen gesprek lijkt te voeren. ‘Wat ben je vandaag aan het doen?’ vraagt hij. ‘Ik laat de mensen zien dat ik een normaal leven leid. Hamdilla’, antwoordt zij.

Rua is geëmotioneerd. ‘Welke wet accepteert dat zoiets ons overkomt? Waarom is mijn dochter bij anderen? Waarom bij die mensen? Waarom mijn dochter? Ik adem door mijn dochters, ze zijn het licht in mijn ogen. Nu huilen mijn ogen om hen. Ze doen alsof ze haar familie zijn, maar ze controleren haar. We zijn elkaars zwakke plek. Ze kunnen haar bedreigen om ons te raken, en ze bedreigen ons om haar te raken.’

Onzekerheid en intimidatie

In juli 2025 richtte de Syrische minister van Binnenlandse Zaken, Anas Khattab, een onderzoekscommissie op om meldingen van ontvoerde vrouwen aan de Syrische kust te onderzoeken. In november 2025 meldde zijn persvertegenwoordiger, Nour al-Din al-Baba, dat de commissie 42 meldingen, die tussen januari en september 2025 waren binnengekomen, onderzocht heeft.

De commissie bevestigde één melding als ontvoering. De overige meldingen waren volgens al-Baba valse beweringen, of gevallen van vrijwillige verdwijning door familieproblemen of om relationele redenen. Ook andere Syrische functionarissen ontkennen dat er sprake is van ontvoeringen.

Families van vermiste dochters blijven achter in onzekerheid en worden geïntimideerd. Rima, de zus van de verdwenen Rasha, vertelt hoe veiligheidsagenten haar thuis bezochten nadat haar zus op 20 januari 2025 verdween. ‘Ze wilden dat ik een verklaring ondertekende waarin stond dat de overheid alles deed om Rasha te vinden. Ik tekende. Mijn vader en broer, die in Europa wonen, waren razend. Maar ik zei: “Wat moest ik doen? Jullie zitten in Europa, ik zit hier.’

‘Drie dagen later belde iemand van het ministerie van Binnenlandse Zaken die me zei dat ze hun best zouden doen om Rasha te vinden. Toch hoorde ik niets’, vervolgt Rima. ‘Ik smeekte een veiligheidsagent om me iets van informatie te geven, maar hij benadrukte dat het voor hem strikt verboden is om over ontvoerde vrouwen te spreken. Het enige wat hij me wilde zeggen, was dat ik in Harem in de provincie Idlib naar mijn zus moest vragen. Mijn omgeving raadde af om dat te doen. Het is te gevaarlijk om er naartoe te gaan.’

Vrouwen die terug konden keren krijgen niet noodzakelijk bescherming. Volgens de VN-commissie zette de overheid drie alawitische vrouwen gevangen na hun terugkeer, twee van hen voor zedenaanklachten. ‘De overheid beschuldigde hen van onwettige seksuele gemeenschap omdat ze verkracht waren’, legt Inana Barakat uit. Een andere vrouw zat 40 dagen vast omdat haar vader volgens de autoriteiten een klacht tegen haar had ingediend. Hij zou reputatieschade hebben opgelopen nadat ze was weggelopen. ‘Maar de vader ontkende dit tegenover ons’, zegt Barakat.

De onderzoekscommissie van de VN meldt dat in sommige gevallen de autoriteiten druk uitoefenen op de families om niet met de media te spreken. Of ze dwingen hen om video’s op te nemen waarin ze verklaren dat het slachtoffer vrijwillig vertrok. Ook de ouders van Batoul zeggen onder druk te zijn gezet.

‘Na het bezoek aan Batoul zeiden de autoriteiten dat we ons geen zorgen moesten maken. Dat onze dochter binnen enkele dagen zou thuiskomen’, vertelt Batouls vader Suleiman. ‘We moesten alleen een video opnemen waarin we verklaarden dat Batoul niet ontvoerd was. Dat deden we. Toen ik besefte dat onze dochter niet vrijkwam, begon ik te huilen. Iedereen vroeg ons hoe we dit konden doen. Ze zeiden dat we onze dochter verraden hadden. Maar wat moest ik doen? Ik zou alles doen als ze me beloven haar vrij te laten.’

De ouders van Batoul namen een nieuwe video op waarin ze uitlegden dat ze onder druk stonden. Na de publicatie van het filmpje kwamen veiligheidstroepen naar hun huis, waarop de ouders vluchtten. ‘We zijn niet veilig’, zegt Rua.

‘Dochters van Zinā’

Mensenrechtenorganisaties melden dat teruggekeerde vrouwen getuigden van seksueel en sektarisch geweld tijdens hun ontvoering. Dat bevestigen onderzoeken van de New York Times en Reuters.

‘Een vrouw getuigde dat vijf mannen haar een hele nacht verkrachtten in het bijzijn van haar dochters van 11 en 13 jaar oud’, vertelt ook Barakat. ‘Een 16-jarig meisje keerde zwanger terug en beviel twee maanden geleden. Vóór haar ontvoering kampte ze al met mentale problemen. Haar geestelijke en lichamelijke toestand zijn sindsdien verslechterd.’

‘In sommige gevallen werden vrouwen naar Libanon gebracht en gedwongen om met mannen naar bed te gaan. Een 23-jarige vrouw getuigde dat zeven mannen haar verkrachtten, waarna ze haar verkochten aan een 60-jarige man uit Idlib. De ontvoerders smokkelden haar naar Libanon, waar ze kon ontsnappen.’

‘Veel slachtoffers krijgen te horen dat zij, alawieten, varkens en ongelovigen zijn, dat ze hen zullen vernederen, dat ze dochters van Zinā (verwijst naar buitenechtelijke seksuele activiteiten, red.) zijn’, zegt Barakat. ‘Wanneer ontvoerders contact opnemen met de families noemen ze hen Kafir (ongelovigen, red.).

‘Vrouwen zijn de eer van de samenleving’

De verhalen passen in een lange geschiedenis van sektarisch geweld tijdens de Syrische Burgeroorlog, waarvan duizenden vrouwen uit verschillende gemeenschappen het slachtoffer werden.

In de gevangenissen van het Assad-regime, bijvoorbeeld, hoorden vrouwen: ‘Ga die vrouwen met hoofddoek slaan!’. En: ‘Ga met hun vrouwelijke familielid naar bed, doe wat je wil, niemand zal je daarvoor ter verantwoording roepen. Individuele getuigenissen, zoals die van de Koerdische Lojin Abdo, maken deze brute realiteit tastbaar.

‘Rasha raakte vaak gefrustreerd omdat ze het gevoel had dat ze in haar eentje tegen een corrupte samenleving vocht.’

Barakat vertelt waarom vrouwen in het bijzonder zo kwetsbaar zijn. ‘Zoals we in verschillende conflicten zien, worden vrouwen gebruikt om de gemeenschap te breken. Vrouwen zijn de eer van de Syrische samenleving. Die gemeenschap kwets je door je op de vrouw te richten. Zelfs als we iemand vervloeken, vervloeken we de moeder, de zus, enzovoort. Het is het meest vernederende wat je een familie kan aandoen.’

Rima vertelt over de kwetsende opmerkingen die ze kreeg in de periode na Rasha’s verdwijning. ‘Mensen kwamen hun steun betuigen, maar ze zeiden ook dingen zoals “Godzijdank is onze dochter bij ons. Jouw zus is sabiyya.”’ Sabiyya refereert aan vrouwen die tijdens het conflict slachtoffer waren van seksueel geweld, gedwongen huwelijk of mensenhandel.

‘Op sociale media zeiden mensen dat Rasha waarschijnlijk met haar minnaar gevlucht was. Of dat ze een felool of shabiha is’, gaat Rima verder. Een felool verwijst naar iemand die loyaal was aan het Assad-regime. Shabiha slaat op de beruchte burgermilitie van dat regime.

‘Maar Rasha was nooit felool of shabiha, integendeel. Ze was een geliefde en gerenommeerde professor Arabische literatuur aan de universiteit. Ze reisde voor haar werk en is een open persoon. Ze raakte vaak gefrustreerd, omdat ze het gevoel had dat ze in haar eentje tegen een corrupte samenleving vocht. Ze is moedig, maar ook diplomatiek. Ze is niet alleen mijn zus, ze is ook mijn vriendin.’

‘Rasha raakte vaak gefrustreerd, omdat ze het gevoel had dat ze in haar eentje tegen een corrupte samenleving vocht. Ze is moedig, maar ook diplomatiek. Ze is niet alleen mijn zus, ze is ook mijn vriendin.’

Vroeger hielden we van elkaar

De verdwijningen verdiepen het wantrouwen tussen Syrische gemeenschappen. ‘De situatie hier is onzeker. Er is geen veiligheid’, vertelt een Syrische inwoner, die we om veiligheidsredenen anoniem laten. ‘We horen geruchten over ontvoeringen, vooral van alawitische meisjes. Maar ook een familielid van mij is meerdere keren lastiggevallen, hoewel ze soennitisch is. Ze denken dat ze alawiet is, omdat ze geen hoofddoek draagt. Willekeurige mensen scholden haar uit op straat. Een keer achtervolgden ze haar. Ze kwam doodsbang thuis.’

‘Het is beschamend’, gaat de inwoner verder. ‘Vroeger hielden we van elkaar. Wat is er gebeurd? Het Assad-regime heeft alles kapot gemaakt. Veertien jaar lang zijn menselijke relaties vernietigd. Het is een zwarte geschiedenis doorspekt van geweld. We moeten opnieuw met elkaar leren praten.’

Rima vertelt hoe haar zus Rasha het gevoel kreeg dat Syrië haar verstikte. ‘Rasha had helaas geen hoop meer toen op 8 december 2024 de macht wisselde. Onze samenleving is aangetast door veertien jaar conflict en de erfenis van het Assad-regime. Het sektarische denken blijft zich verspreiden en zet mensen tegen elkaar op. Rasha probeerde naar Caïro te emigreren waar ze eerder als professor was. Daar voelde ze zich meer thuis en gewaardeerd dan in Syrië.’

Volgens de anonieme Syriër proberen vrouwen hun dagelijkse leven verder te zetten ondanks de vreselijke omstandigheden. ‘Ze verzetten zich tegen de angst. Ze willen buitenkomen en hun leven leiden.’

Rima klampt zich vast aan hoop. ‘Ik zie Rasha in mijn dromen. Dat geeft me hoop, want mijn dromen hebben meestal een betekenis. Maar ook buiten mijn dromen voel ik haar aanwezigheid. En ik voel dat zij mij ook voelt. Ik voel dat ze leeft, maar dat ze moe of ziek is.’

‘Elke mens zou behandeld moeten worden zoals die dat verdient. Een crimineel als een crimineel, uitschot als uitschot en een nobel mens als nobel mens. Rasha was een nobele, hardwerkende vrouw. Ze studeerde, publiceerde, was succesvol en sterk. Toch kreeg zij geen rechtvaardige behandeling als vrouw, niet van de samenleving en niet van de overheid.’

Word proMO*

Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in