Europese regelgeving volstaat niet
‘Geef de Schelde een juridische stem’
)
© Tine Danckaers
)
© Tine Danckaers
Voor de Schelde Nederland binnenstroomt, passeert ze de chemiesector van de Antwerpse haven, met historische vervuiling tot gevolg. Voorstanders ijveren ervoor om de rivier een juridische stem te geven en zo verdere verontreiniging in te dijken.
De betonnen oesterputten van het Zuid-Bevelandse Yerseke baden in de ochtendzon. Aan de Zeeuwse havendijk van de Oosterschelde kondigt de ene na de andere oesterbar exclusieve proeverijen aan. Leveranciers rijden af en aan naast de vele fietsende toeristen.
De Oosterschelde is het belangrijkste oesterkweekgebied van Nederland en, na de Waddenzee, ook het belangrijkste mosselkweekgebied. De visserij zelf werd sterk aan banden gelegd toen de zeearm werd uitgeroepen tot Natura2000-gebied, natuur beschermd door Europa.
Door de sluiting van de Oester- en Philipsdam aan de oostzijde is de Oosterschelde niet langer een estuarium waar zoet rivierwater en zout zeewater elkaar ontmoeten. Dat heeft ook impact op het visbestand. ‘Best wel wat vissers zijn hier overgeschakeld op de oesterkweek, omdat vissen zo moeilijk is geworden’, vertelt garnalenvisser Ton Hoebeke (60). Ik ontmoet hem in zijn huis in Yerseke, waar hij na een week op zee geniet van enkele dagen vakantie. ‘Vandaag mag je op de Oosterschelde nog wel garnalen vissen, maar dat is gebonden aan een beperkt aantal vis-uren. Als je twee weken vist op de Oosterschelde, zijn die al op.’
Grauwe toekomst
De Zeeuwse zon is verrassend mild in een zomer die hitte- en droogterecords verpulvert. Grote rivieren als de Rijn en de Maas kreunen stroomopwaarts onder historisch lage waterstanden. In het grensgebied tussen Nederland en België liggen de polders nabij het Verdronken Land van Saefthinge er gortdroog bij, de verzilting van de bodem rukt op. Aan de Schelde, een getijdenrivier, gaat de droogte voorbij. Maar hoe doorleefder en ouder het water van de 435 kilometer lange rivier, die in Frankrijk ontspringt en via België naar Nederland stroomt, hoe grauwer het wordt.
Ook in de Westerschelde, nog wel een estuarium, zit het vissen erop voor Ton Hoebeke. Want schaal- en schelpdieren uit de Westerschelde zijn niet langer geschikt voor consumptie. De grote boosdoener is het Amerikaanse chemiebedrijf 3M dat stroomopwaarts, in het Belgische Zwijndrecht, een grote productieas heeft. Lozingen van de chemiereus zorgden niet alleen in Vlaanderen voor grootschalige bodem- en grondwatervervuiling met PFOS, een chemische stof binnen de PFAS-groep, de niet-afbreekbare chemicaliën kwamen ook in het Nederlandse water terecht. Met alle gevolgen van dien.
De vervuiling stapelt zich op in het ecosysteem van de Westerschelde en heeft zich genesteld in de bodem van de rivier, de visstand en de schaaldieren. Maar ook de deels ingedamde Oosterschelde is vervuild, onder meer met staalslakken, een giftig restproduct van staal dat wordt gebruikt bij de oever- en dijkversterking. De kreeftenpopulatie slinkt, en de leefbaarheid van schaal- en schelpdieren, nog wel geschikt voor consumptie, gaat er achteruit. De toekomst van de beide armen van de Schelde oogt somber, want ook de aanwezigheid van glyfosaat door landbouw én die van microplastics en lithium door de Antwerpse chemie-industrie moeten worden aangepakt.

Polders liggen er gortdroog bij, de verzilting rukt op.
© Tine Danckaers
‘3M is verantwoordelijk voor PFOS-verontreiniging’
De Nederlandse Vissersbond (NVB) plant, namens alle vissers die door de vervuiling schade lijden, een schadeclaim in te dienen. Voorlopig startte de NVB een testprocedure tegen zowel de Belgische productiesite als de Amerikaanse moedervennootschap van 3M, namens één visser: Ton Hoebeke. ‘Wij zijn uitgekozen omdat wij als visbedrijf heel actief waren op de Westerschelde en nu moeten uitwijken naar een ander gebied’, legt Hoebeke uit. ‘We zijn nog altijd op zoek naar geschikt nieuw visgebied. We wijken nu onder meer uit naar gebieden ten oosten en noorden van Vlissingen, terwijl we vroeger langdurig konden vissen op de voor ons vertrouwde gebieden van de Westerschelde.’
‘De NVB zoekt al sinds de eerste gesprekken met 3M een totaaloplossing voor alle vissers’, legt Robbert-Jan Kamstra, advocaat van de vissersbond, uit aan de telefoon. ‘De Westerschelde wordt beschouwd als verloren visgrond. Het gevolg is wat in de economische literatuur fishery displacement genoemd wordt: vissers moeten uitwijken naar gebieden die al bevist worden door anderen.’
De advocaat acht de kans groot dat de NVB zal winnen. ‘3M heeft, nog voor we aan het procederen waren, zelf contact gezocht met de NVB. Dat zegt iets over de verantwoordelijkheid die het bedrijf voelt. We hebben hier te maken met PFOS, waarvan mogelijke verontreiniging streng gereguleerd is door de EU. Wij vorderen in deze testprocedure een bevestiging dat 3M verantwoordelijk én dus aansprakelijk is voor de schade die dit specifieke type PFAS veroorzaakt, ook voor de schade die Ton Hoebeke lijdt. Als we die krijgen, dan menen wij die te kunnen doortrekken naar alle gedupeerde Nederlandse vissers.’
Ton Hoebeke zelf is gematigder. ‘Ik ben zestig. Ik verwacht niet dat ik ooit nog in de Schelde zal kunnen vissen, want er is geen mens die dat PFOS kan weghalen.’ Tegelijk, zegt hij, wil hij wel proberen te geloven in de toekomst. ‘Veertig jaar geleden zag het water van de Schelde grijs en grauw. Zodra je voorbij Doel kwam, zat er geen leven meer in. Dat is verbeterd, bevestigen ook milieurapporten. Het water is in bepaalde opzichten zuiverder en leefbaarder. Er is dus wel degelijk iets aan te doen, maar dan is het wel kwestie dat Nederland en Vlaanderen goed samenwerken om die rivier te redden.’
Internationale afspraken volstaan niet
De Scheldeverdragen tussen Nederland en Vlaanderen regelen onder meer de uitdieping en het onderhoud van de Scheldevaargeul. Zo betaalt Vlaanderen de baggerwerken op Nederlands grondgebied grotendeels om de doorgang naar de Antwerpse haven te garanderen. Cruciaal, want Antwerpen is een van de grootste zeehavens van Europa en, met 70.000 directe en 80.000 indirecte jobs, van onschatbare waarde voor de Vlaamse economie.
Maar de zucht naar verdere uitbreiding voor het havencomplex loert constant om de hoek. De haven neemt almaar meer happen uit de natuurlijke Scheldestroom en omringend land. Polderdorpen zoals Wilmarsdonk, Oorderen, Oosterweel en Lillo moesten al plaats ruimen voor dokken en industrie.
Het Scheldedorp Doel mag dan gered zijn, de adem van de haven blijft er voelbaar. Op de ingebonden dijk van Doel hangt de grijparm van een kraan uitdagend over de afrastering, richting dorp, als een niet te stoppen monster. Aan de rand van de omringende polders en akkers kondigen gele overheidsborden bodem- en saneringsonderzoek aan, nodig voor een geplande containerterminal.
De roep van ecologen en activisten om de bedreigde natuur en de rivier een juridische stem te geven, klinkt almaar luider. De natuur, in dit geval de Schelde, zou dan worden gezien als een rechtspersoon in plaats van eigendom van mensen of bedrijven. Hierdoor kan de natuur in de rechtbank zelf opkomen voor haar belangen.
Europese dijken tegen wanbeheer
‘Versta me niet verkeerd, ik ben er absolute voorstander van om de natuur rechten te geven’, steekt professor en milieujurist Hendrik Schoukens van wal wanneer ik hem opbel. ‘Maar ik denk dat we op juridisch vlak het belang van de bestaande Europese milieuwetgeving niet mogen onderschatten. Indirect heeft de natuur wel degelijk rechten. Er zijn de Europese natuurrichtlijnen, kaderrichtlijnen voor waterbeheer, de milieueffectbeoordeling, die door milieuverenigingen, als guardians, kunnen worden afgedwongen.’
Als voorbeeld haalt Schoukens de fel betwiste Hedwigepolder in Nederland en de Prosperpolder in België aan. Om de waterkwaliteit van de Westerschelde te herstellen, werd in 2005 besloten om beide te ontpolderen. Dat paste in de Scheldeverdragen, die niet alleen afspraken bevatten over de uitdieping van de vaargeul, maar ook over het creëren van 600 ha buitendijkse natuur om te voldoen aan de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn.
‘Pas in 2022, na veel politiek beladen getouwtrek, werd gestart met de ontpoldering, maar ze is er wel gekomen. Dat de waterkwaliteit van de Schelde in vijftig jaar tijd is verbeterd, komt door Europese wetgeving. Bedrijven kunnen dus niet zomaar doen wat ze willen. Dat zien we ook in de vele processen tegen 3M.’ Heeft die Hedwigepolder nu expliciet rechten gekregen? Neen. Maar indirect is de teruggave van de polder aan de natuur wel het gevolg van EU-natuurwetgeving die de natuur rond de Schelde een bestaans- én herstelrecht toekent.
‘Hoe bizar is het om het bizar te vinden dat een rivier rechten heeft?’Eduardo Galeano
‘De natuur is inderdaad wettelijk beschermd door Europese regelgeving en internationale samenwerkingsverdragen. Maar die bescherming blijft kwetsbaar wanneer economische belangen of politieke druk zwaarder wegen’, zegt onder meer Vogelbescherming Vlaanderen. Op een website van de KU Leuven lezen we dat de Belgische grondwet expliciet erkent dat we maar een menswaardig leven kunnen leiden als we omringd zijn door een gezonde natuur. Maar ook dat ‘ondanks deze grondwettelijke waarborg de toestand van de natuur in België precair blijft. Zelfs beschermde natuurgebieden lopen nog steeds de kans om beschadigd te worden door menselijke activiteiten. Net omdat de natuur wordt behandeld als een object, vanuit het perspectief van de mens, en niet als een rechtssubject dat fundamentele rechten bezit.’
De rivier leeft
De boeg van het containerschip stevent af op de zwemmers aan het zonovergoten Nollestrand. Dan zwenkt de zeereus rustig naar links om koers te zetten naar de containerterminal. Hier, op deze uiterste landhoek in Vlissingen, mondt de Westerschelde uit in de Noordzee. Toerisme en industrie, de mens en de natuurlijke krachten van eb en vloed, lijken er naadloos in elkaar te haken.
In een strandpaviljoen in Vlissingen heb ik afspraak met André Alting, een even bevlogen als bescheiden voorvechter van rechten voor de Schelde. Ik open het gesprek door een boek op de tafel te leggen, de bestseller Leeft een rivier? van Robert Macfarlane. De Britse natuurschrijver ging op zoek naar het antwoord op de vraag of het helpt om de rivier rechten te geven. Na doorleefde tochten langs drie grote bedreigde stroomgebieden in Ecuador, India en Canada is hij daarvan overtuigd. We moeten rivieren zien als levende wezens, en niet langer als zielloze, te domineren objecten zonder rechten, aldus de auteur.
In het boek verwijst Macfarlane naar het bekende essay De natuur is niet stom van Eduardo Galeano. De Uruguayaanse auteur betoogde in 2008 hoe bizar het is om het bizar te vinden dat een rivier rechten heeft. Want, zegt Galeano, tegelijk vinden we het wel wonderlijk vanzelfsprekend dat bedrijven rechten hebben die vergelijkbaar zijn met die van mensen. ‘Alsof bedrijven kunnen ademen.’
Alting, gemeenteraadslid voor Progressief Nederland in de Zeeuwse gemeente Goes, zit helemaal op de lijn van Macfarlane. Natuurlijk leeft de natuur, zegt Alting. ‘Dat betekent dat die ook kan sterven, wat natuurlijk ook geldt voor de Schelde. In de Oosterschelde is de laatste ansjovisvisser er een paar jaar geleden mee gestopt. De visjes zijn uitgestorven, vermoedelijk een gevolg van de Oosterscheldekering.’

Ton Hoebeke: ‘Ik verwacht niet dat ik ooit nog in de Schelde zal kunnen vissen, want er is geen mens die dat PFOS kan weghalen.’
© Tine Danckaers
Spaanse lagune
‘Net als je denkt dat het niet nog slechter kan, kondigt de overheid een nieuw absurd plan aan’, zegt Alting. ‘Hoe kan je het bedenken om een hele provincie aan te duiden als laagvlieggebied voor defensiehelikopters, terwijl het gebied hier beschermd is door de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn? Wie bedenkt het om hier kerncentrales neer te willen poten die hun warm water in de Schelde zullen lozen?’
Op zijn beurt diept Alting een boek uit zijn tas: Rechten voor de natuur van zijn landgenote Jessica den Outer. In haar boek breekt de milieujuriste een lans voor de juridische emancipatie van kwetsbare ecosystemen. Het schudde Alting wakker. ‘Vooral het hoofdstuk over Mar Menor, een zoutwaterlagune in Spanje, raakte me’, vertelt Alting.
‘Ook daar kwamen, net als hier, de industrie, de scheepvaart, het toerisme, het recreatieve gebruik van het meer en de verstedelijking samen. Lozingen van nitraathoudend afvalwater in de intensieve aardbeiteelt zorgden voor een ecologische ramp in het meer. Op een gegeven moment lagen de stranden bezaaid met dode vissen, garnalen en zeepaardjes. Met het meer ging de hele omgeving dood. Niemand bezocht de plek nog. Het zette me aan het denken: stel je dat hier in Zeeland voor. Wat zouden we zijn zonder de Westerschelde?’
In Mar Menor trokken burgers en verenigingen een streep in het zand, vormden een kilometerslange ketting en eisten dat de lagune rechten zou krijgen. De acties hadden succes, want in 2022 kreeg Mar Menor eigen rechten. Dankzij die rechtspersoonlijkheid kan ze nu aanspraak maken op herstel naar een gezond ecologisch systeem.
‘Net dat hebben we hier ook nodig’, vindt Alting. ‘Het is van groot belang om de rivier, met al haar organismen, een stem te geven. Natuurgebieden moeten zichzelf, via een voogd die opkomt voor hun rechten, kunnen representeren om het politieke vertrekpunt bij te sturen naar een logische samenwerking tussen economie en ecologie.’
‘En,’ voegt Alting toe voor we afscheid nemen, ‘dit heeft nu eens niets met politieke kleur te maken. We zijn hier met z’n allen in de eerste plaats Zeeuwen. Wie is er niet trots op deze magische plek aan de Schelde?’
Deze reportage werd geschreven voor MO*161, het herfstnummer van MO*magazine. Vind je dit artikel waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je tal van andere voordelen.
Lees ook
Ontvang het beste van MO* rechtstreeks in je mailbox
Schrijf je nu in op onze gratis nieuwsbrieven en wij houden je op de hoogte van wat er gaande is in onze mondialiserende en snel veranderende wereld.




:format(png))