Van canaya naar Barcelona: het opgejaagde bestaan van een bootvluchteling
‘Wij willen niemand zonder papieren zien’
)
Aziz (links) migreerde uit Senegal en kwam in Barcelona terecht. ‘Ik kwam om te werken en niet om thuis te blijven.’
© Samira Bendadi
)
Aziz (links) migreerde uit Senegal en kwam in Barcelona terecht. ‘Ik kwam om te werken en niet om thuis te blijven.’
© Samira Bendadi
Ze worden bootvluchtelingen genoemd. De statistieken over hen worden nauwkeurig bijgehouden, maar de verhalen erachter zijn zelden bekend. Aziz slaagde er na dertien jaar opgejaagd leven toch in om een erkend bestaan in Spanje op te bouwen. Hij is een van de drijvende krachten achter Top Manta, een vakbond van straatverkopers en een kledingmerk met een boodschap.
MO* bracht enkele jaren geleden al het fascinerende verhaal van Top Manta: van mensen zonder wettig verblijf, die niet het recht hebben om te werken en door de politie opgejaagd worden omdat straatverkoop verboden is, maar die er toch in slagen zich te organiseren. In 2015 richtten ze ook hun eigen vakbond op. ‘We hebben dat met vier mensen gedaan’, zegt Aziz. Een paar jaar later richtten ze onder dezelfde naam een eigen coöperatie op.
Top Manta verwijst naar de manteros, straatverkopers die vaak namaakkleren verkopen aan het strand. ‘De coöperatie moet deze mensen zonder wettig verblijf aan een baan helpen en hen regulariseren.’
De organisatie is dan ook een van de drijvende krachten achter het recente burgerinitiatief Regularización. Ya!, of Regularisatie.Nu!, dat aan de basis lag van de buitengewone regularisatie die Spanje in april 2026 lanceerde. Resultaat van die regeringsbeslissing is dat een half miljoen migranten zonder geldige papieren geregulariseerd zouden worden.
Gracieus
Met een gracieuze rust, en hier en daar een grijns tussen trots en rebelsheid, vertelt hij over zijn migratietocht. Of was het een reis, een avontuur of een vlucht? Wellicht dat alles tegelijk. Want het was, zoals zo vaak, geen rechte lijn van A naar B maar een reis waarvan het vertrekpunt vastligt en de aankomst nooit echt zeker is.
De eerste vijf maanden van dit jaar kwamen 3184 migranten aan op de Canarische Eilanden. In dezelfde periode vorig jaar waren dat er nog 10.983.
Aziz, voluit Aziz Faye Dieye, is Senegalees. In een vorig leven was hij kleermaker, maar al snel bleek het beroep weinig rendabel. De markt was verzadigd, mensen lieten steeds minder kleren maken en de klanten bleven weg. Daarom trok hij naar Mauritanië. Hij was toen negentien.
Daar leerde hij vissen en begon een nieuw leven. Hij kon er niet rijk van worden, dat wist hij maar al te goed. Meer dan overleven was het niet. Toen het gerucht de ronde deed dat er in Spanje werk was in de landbouw, besloot hij opnieuw te migreren.
Hij had een eigen bootje en kon varen. Het kostte hem dus geen cent, behalve misschien zijn leven, om zich in het avontuur te storten. Wat hij, samen met een aantal kompanen, deed. Ze zetten koers naar de Canarische Eilanden. Dat was in 2006.
Migreren via de Canarische Eilanden
De Spanjaarden veroverden de Canarische Eilanden in de 15de eeuw op de oorspronkelijke bewoners, de Guanchen (afkomstig van Berber- of Amazighvolkeren, zoals in de rest van Noord-Afrika). De eilanden liggen op 1500 km van het Spaanse vasteland, maar op slechts een spreekwoordelijke steenworp van de West-Afrikaanse kust. Afhankelijk van de vertrekplaats varieert de afstand van minder dan 100 km (vanuit Marokko) tot meer dan 1600 km (vanuit Gambia).
De eilanden zijn al lang een populaire toeristische bestemming. Maar vanaf 2000 werden de controles op de Middellandse Zee tussen Marokko en Spanje verscherpt, en sindsdien zijn ze ook een populaire migratiebestemming. Want wie voet zet op Spaanse bodem, kan asiel aanvragen in Spanje.
2006 was een piekjaar. Met volgens het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken 31.678 bleef het lang een recordjaar, dat bekendstaat als de cayucocrisis - naar de typische vissersbootjes uit Senegal en Mauritanië. Deze West-Afrikaanse, Atlantische migratieroute is ook een van de gevaarlijkste en dodelijkste ter wereld.
Aantal aankomsten daalt sterk
De daaropvolgende jaren daalde het aantal aankomsten weer, maar sinds 2020 kent deze route een heropleving. In 2024 werd een nieuw record bereikt: volgens het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken arriveerden er dat jaar 46.843 migranten op de Canarische Eilanden.
Het jaar nadien daalde het aantal aankomsten sterk, na de ondertekening van verschillende overeenkomsten tussen Spanje en West-Afrikaanse landen. Die hadden effectief als doel om meer migranten op weg naar de Canarische Eilanden te onderscheppen.
De dalend trend zet zich voort in 2026. Volgens de laatste cijfers van het Spaanse ministerie van Binnenlandse Zaken zijn er de eerste vijf maanden van dit jaar 3184 migranten op de Canarische Eilanden aangekomen. Ter vergelijking: in dezelfde periode een jaar eerder kwamen nog 10.983 mensen aan.
Discretie
Aziz en zijn kompanen vertrokken aan de kust van Mauritanië. ‘We zijn vijf dagen op zee gebleven’, vertelt hij. Hij was toen tweeëntwintig. Bij aankomst werd hij opgesloten in een migrantencentrum. ‘Na twee maanden werd ik teruggestuurd naar Senegal’, vertelt hij.
Kort nadien ondernam hij een tweede poging, met succes. Maar hij werd opnieuw teruggestuurd. ‘Ze hadden mijn vingerafdrukken al’, legt hij uit, verwijzend naar de lokale autoriteiten. Die konden hem dus gemakkelijk laten repatriëren.
Zes maanden later deed hij een derde poging, deze keer met de hoop naar het Spaanse vasteland overgebracht te worden. ‘Er werd een selectie gemaakt. De helft van de migranten werd teruggestuurd naar het land van herkomst, de andere helft werd overgebracht naar het vasteland. Toen ik dat zag, besliste ik om opnieuw te proberen, met de hoop om geselecteerd te worden’, zegt hij.
‘En ik had geluk, ik werd naar Madrid overgebracht’, lacht hij. ‘Met het vliegtuig?’ vraag ik. ‘Ja, met een vliegtuig’. In Madrid mocht hij de straat op.
Waarom een deel van de migranten naar Madrid wordt overgebracht, weet hij niet. ‘Het is politiek!’, zegt hij met de armen in de lucht.
Een politiek die in 2002 en 2003 in alle discretie begon. Toen de druk op de eilanden groot werd en de opvang moeilijk, organiseerde de Spaanse overheid transfers: nieuwkomers die niet uitgezet konden worden, werden overgebracht naar het vasteland.
In het begin gebeurde dat zonder begeleiding of opvang. Maar na kritiek in de media werden in 2005 de verplaatsingen geformaliseerd in het Plan Caldera, naar toenmalig minister van Arbeid en Sociale Zaken Jesús Caldera (PSOE). Die zorgde ervoor zorgde dat de herverdeling officieel en beter georganiseerd beleid werd.
Het was ook in deze periode dat de regering-Zapatero repatriërings- en bewakingsverdragen sloot met West-Afrikaanse landen, zoals Mauritanië, Senegal en Mali.

Aziz in het textielatelier van Top Manta: ‘In 2015 waren we de situatie beu en besloten we om ons eigen bedrijf op te richten.’
© Samira Bendadi
Aziz was een van de ruim 20.000 migranten die de Spaanse overheid in 2006 liet overbrengen naar het vasteland.
Eenmaal in Madrid ontdekte de jongeman dat hij als migrant zonder wettig verblijf niet het recht had om te werken. En om in aanmerking te komen voor een individuele regularisatie, een maatregel die Spanje invoerde na de algemene regularisatie van 2005, moest hij eerst drie jaar in het land verblijven. ‘Ik kwam om te werken en niet om thuis te blijven’, zei hij toen tegen een vriend die al eerder in Madrid was aangekomen.
‘Voor mensen die in 2005 en 2006 arriveerden, was straatverkoop de enige manier om te overleven. Niemand wilde ons aanwerven.’
Zijn zoektocht naar werk bracht hem acht maanden later, dankzij vrienden van vrienden, naar Barcelona. ‘Ik ben de straat opgegaan om hulp te vragen, met het risico opgepakt en teruggestuurd te worden. Zo heb ik de straatverkopers leren kennen. Ik heb hun mijn situatie uitgelegd en ze gaven me goederen die ik mocht verkopen en pas daarna terugbetalen.’
‘Voor mensen die in 2005 en 2006 arriveerden, was straatverkoop de enige manier om te overleven, want niemand wilde ons aanwerven. Het ligt niet in onze cultuur om zomaar een ander pad in te slaan en te gaan dealen of stelen’, beargumenteert hij zijn keuze.
‘Ik heb geleerd om van de politie weg te lopen. Soms werden mijn goederen in beslag genomen, soms moest ik een boete betalen, soms werd ik naar het commissariaat gebracht om mijn vingerafdrukken te nemen.’
‘In 2012 hebben ze me nog een keer teruggestuurd naar Senegal’, vervolgt hij. ‘Maar ik wist dat ik terug zou komen. Ik kan een boot besturen, voor mij was het als een vakantie naar Senegal’, schertst hij. Wat effectief gebeurde. Aziz nam dezelfde route terug en werd opnieuw naar Madrid overgebracht.
Als ik hem vraag waarom hij zich zo hardnekkig vastklampte aan migratie, is zijn antwoord even eenvoudig als ontwapenend: ‘De werk- en de levensomstandigheden in Europa zijn beter.’
Moe
Maar ook toen Aziz meer dan drie jaar in Spanje verbleef, kon hij niet in aanmerking komen voor een individuele regularisatie. Want daarvoor zijn ook een arbeidscontract en een blanco strafregister vereist, twee voorwaarden die ook voor andere manteros niet vanzelfsprekend zijn. Straatverkoop is wettelijk niet toegelaten. En wie ooit opgepakt werd of een boete gekregen had, kon moeilijk aan een bewijs van goed gedrag en zeden raken.
Daarom besloten de straatverkopers een eigen vakbond op te richten, een vereniging waarin ze hun krachten konden bundelen en samen de strijd voor een menswaardig bestaan voeren. Zo ontstond Top Manta.
‘We vroegen aan vrienden die wél over verblijfsdocumenten beschikten om onze coöperatie op te richten. We maakten ons eigen logo, brachten het aan op T-shirts en begonnen te verkopen.’Aziz (Top Manta)

In de oude textielfabriek van de rijke familie Batlló zijn vandaag Top Manta en sociaal-economische initiatieven voor de buurt gevestigd.
© Samira Bendadi
De vervolging van straatverkopers is meer dan een kat- en muisspel tussen ordediensten en manteros en neemt bij momenten dramatische wendingen. Zo overleed op 11 augustus 2015 Mor Sylla, een vijftigjarige Senegalese straatverkoper, in de kustplaats Salu nadat de Catalaanse politie een inval deed in zijn woning.
De aanleiding was een grootschalig onderzoek naar de handel in namaakgoederen. De man viel daarbij vanaf het balkon van zijn woning op de derde verdieping. Het leidde tot hevige rellen en protesten.
‘In 2015 waren we de situatie beu en hebben we besloten om ons eigen bedrijf op te richten’, vertelt Aziz. ‘We hebben met de gemeente onderhandeld om ons opnieuw een blanco strafblad te bezorgen. Dat was niet vanzelfsprekend. We moesten druk uitoefenen. We waren heel actief, zetten acties op en gaven veel interviews aan de media. De lokale autoriteiten waren niet blij met de negatieve publiciteit. Daarom wilden ze dit regelen, om ons te doen zwijgen.’
Vrij
Met de steun van het stadsbestuur van Barcelona richtten ze in 2017 een eerste coöperatie op, Diomcoop, die onder meer logistieke diensten en catering biedt. Maar er kon slechts een vijftiental mensen aan de slag. ‘Terwijl we met driehonderd waren’, zegt Aziz.
De vijftien die in de coöperatie aan de slag gingen, zouden op die manier hun situatie kunnen laten regulariseren. Daarom besloten Aziz en zijn kompanen voorrang te geven aan collega’s die zich niet wilden of konden inzetten voor de publieke strijd voor een algemene regularisatie, uit angst in de media te komen en zo herkend en teruggestuurd te worden.
‘Wij wilden vrij zijn en onze strijd verderzetten’, zegt hij. ‘We vroegen aan vrienden die wel over verblijfsdocumenten beschikten om onze coöperatie op te richten. We maakten ons eigen logo, brachten het aan op T-shirts en begonnen te verkopen.’
Stap voor stap groeide Top Manta verder. ‘We maken T-shirts, joggingpakken, broeken, tassen… Kleding met slogans, zoals ‘‘Migratie is geen misdaad’’ en ‘‘Overleven is geen misdaad’’. Mensen die ons willen helpen, kopen onze kleren en dragen onze boodschap uit.’
‘Maar waarom textiel?’, vraag ik hem. ‘Euh, omdat ik kleermaker ben’, lacht hij. En zo is de cirkel rond. Van kleermaker in Senegal naar visser in Mauritanië, straatverkoper in Barcelona en opnieuw kleermaker. Samen met zijn lotgenoten herstelt hij in hun nieuwe thuisstad een oud textielbedrijf in zijn oorspronkelijke functie. Aziz is duidelijk trots op wat hij en zijn kompanen hebben opgebouwd.
‘Ik was de eerste persoon die dankzij onze coöperatie werd geregulariseerd. Dat was in 2019’, zegt hij. ‘Na dertien jaar zonder wettig verblijf’, stel ik vast. ‘Dat klopt.’
Hulp bij regularisatie
Het gesprek wordt onderbroken. Een nieuwe medewerkster is net gearriveerd. Aziz moet haar even helpen bij haar eerste stappen met de zeefdrukmachine.
Vandaag zijn er naast Aziz slechts een zestal mensen aanwezig in het atelier. ‘We zijn in totaal met 22 medewerkers’, zegt hij. Want naast het atelier is er de winkel in El Raval, een diverse buurt in het hart van Barcelona.
Terwijl Aziz de jonge vrouw verder helpt, toont Mariam, een andere medewerkster, trots een tas met de afbeelding van een tijger en daarrond de tekst: Black Manteros Barcelona. Top Manta maakt textiel met een boodschap in het Engels, Spaans en Arabisch. Ze toont me ook T-shirts met de tekst ‘Stop Genocides’, ‘Cursa Antiracista’ en ‘Futbol Antiracista’. ‘We maken ook schoenen’, zegt ze, en ze toont een paar sportschoenen met het logo van Top Manta.

Medewerkster Mariam toont een paar sportschoenen gemaakt in Top Manta. Zelf kwam ze samen met haar man en twee kinderen van Marokko naar Spanje.
© Samira Bendadi
Mariam komt uit Marokko en woont sinds 2021 in Barcelona. Ze kwam samen met haar man en twee kinderen naar Spanje met een toeristenvisum, maar keerde nooit terug. ‘Mijn man werkte voor een textielbedrijf in de vrijhandelszone in het noorden van Marokko. Hij deed lange dagen, maar het loon was krap’, zegt ze. Hoe ze al die jaren overleefden zonder geldige verblijfspapieren? ‘Door te werken’, zegt ze.
Dankzij een gemeentelijke activeringsprogramma kon de coöperatie haar aanwerven en kan haar situatie en die van haar gezin eindelijk geregulariseerd worden.
‘Onze doelstelling is zoveel mogelijk migranten zonder geldige verblijfspapieren helpen regulariseren’, zegt Aziz. ‘We geven contracten, we regelen het gerechtelijk verleden van de straatverkopers en werken als tussenpersoon tussen de mensen, de politie en de gemeente. Zo hebben we meer dan 200 mensen geholpen bij de regularisatie van hun situatie.’
Aziz neemt twee stoelen en zet ze rustig buiten neer. Niet alleen om te ontsnappen aan het geluid van de zeefdrukmachine, maar ook omdat het zonde zou zijn om niet van de zon te genieten.
Vanaf tien uur 's ochtends is hij bereikbaar in het textielatelier van Top Manta, de coöperatie die hij negen jaar geleden oprichtte samen met collega-straatverkopers in Barcelona. Binnen bukt een aantal mannen zich geconcentreerd over de naaimachines, terwijl aan een grote tafel twee vrouwen stof snijden en afgewerkte kleren strijken. Hun gelach reikt tot buiten.
In dit oude gebouw is Top Manta gevestigd, het kledingmerk dat de straatverkopers in 2017 uit de grond stampten. Dit industriële complexe was eind 19de eeuw een textielbedrijf dat toebehoorde aan de familie Batlló. Tegenwoordig is het eigendom van de de stad Barcelona en biedt het onderdak aan buurtinitiatieven, zoals een bibliotheek, en sociaal-economische projecten, zoals de eigen winkel die Aziz en zijn kompanen in 2018 ook konden openen.
Regularisatie nu
In 2025 bracht Spanje de verblijfsvoorwaarde terug van drie naar twee jaar. Maar voor de activisten van Top Manta is individuele regularisatie niet genoeg. Daarom was ze een van de drijvende krachten achter het burgerinitiatief Regularización. Ya!
Een half miljoen migranten zonder geldige papieren zou nu het komende jaar geregulariseerd worden.
‘Wij willen niemand zonder papieren zien’, zegt Aziz. ‘Dat is onze ultieme doelstelling.’
Niets missen?
Abonneer je op (één van) onze nieuwsbrieven.






