‘Ceuta toont vooral hoe Europa zichzelf ondergraaft’

Pascal Debruyne

12 augustus 2026
Opinie

‘Ceuta toont vooral hoe Europa zichzelf ondergraaft’

Ceuta, grenshekken dat Marokko scheidt van Spanje
Ceuta, grenshekken dat Marokko scheidt van Spanje

Wat er in Ceuta gebeurde toont niet aan dat Europa machteloos is, schrijft Odissee-onderzoeker Pascal Debruyne. ‘Het toont dat Europa regels bezit die het liever niet toepast wanneer dat politiek ongemakkelijk wordt.’

Vorige week kreeg mijn zesjarige zoon van een leerkracht aardrijkskunde een cadeau. Het was een oude atlas uit 1974. De vlaggen, landen en werelddelen: hij krijgt er niet genoeg van.

Maar de wereld in die atlas bestaat niet meer. De Sovjet-Unie, Tsjechoslowakije en Joegoslavië zijn relicten van een verrassend recent verleden. Wie een stap achteruit zet, ziet hoe weinig “vanzelfsprekend” grenzen zijn.

Op een kaart lijken grenzen objectieve, onbetwistbare lijnen: hier eindigt het ene land, daar begint het andere. In werkelijkheid zijn ze het resultaat van geschiedenis, geweld, verdragen, kolonisatie en machtsverhoudingen. Ze worden getrokken door wie daartoe de macht heeft, bewaakt door wie die macht wil behouden en betwist door wie de gevolgen ervan draagt.

De grens rond Ceuta is daarvan een bijzonder scherpe illustratie. Ceuta is een Spaanse enclave op het Afrikaanse continent, omringd door Marokko, en tegelijk een Europese buitengrens. Maar het is geen gewone toegangspoort tot Schengen.

Spanje behield bij zijn toetreding controles voor reizigers tussen Ceuta en het Spaanse vasteland, en voor reizen naar andere Schengenlanden. Wie Ceuta bereikt, reist dus niet zomaar verder naar Madrid, Parijs of Brussel.

De voorstelling dat een grensoversteek in Ceuta automatisch een onbeheersbare instroom in heel Europa betekent, houdt juridisch noch praktisch steek. Zoals Jonas Bornemann uiteenzet, verhindert die bijzondere regeling dat Ceuta als ongecontroleerde corridor naar het Europese vasteland functioneert.

Dat belet niet dat de recente gebeurtenissen dramatisch waren. Naar schatting 60.000 mensen bereikten in één etmaal de grens. Tientallen mensen kwamen om het leven. Spanje zette het leger in ter ondersteuning van de Guardia Civil, terwijl velen kort daarop naar Marokko terugkeerden.

De humanitaire kost was dus reëel. Maar precies daarom verdient deze situatie meer dan het gebruikelijke Europese repertoire van verontwaardiging, hysterische taal en loze dreigementen. 

De feitenvrije crisis

Nog voor duidelijk was wat deze oversteek had veroorzaakt, waren de politieke verklaringen al klaar.

De Spaanse premier Pedro Sánchez wees naar mensensmokkelnetwerken en misleidende berichten op sociale media over een arrest van het Spaanse Hooggerechtshof. Dat arrest maakte onmiddellijke terugdrijvingen op zee zonder procedurele waarborgen onwettig. Maar dat gaf niemand een vrijgeleide naar Spanje, laat staan een recht op doorreis naar het vasteland.

De voorstelling dat Spanje de deur zou hebben opengezet voor iedereen die Europa wil bereiken, is niks meer dan een politiek-electorale slogan.

De vraag is trouwens welk verdienmodel hieraan zit voor smokkelaars en waarom die zo sterk boven de radar zouden gaan?

Manfred Weber, voorzitter van de Europese Volkspartij, had het over 'the pull factor of massive regularisation’ en over instrumentalisering van illegale migratie. Maar ook die eerste verklaring is feitelijk zwak. De Spaanse regularisatie gold voor mensen die al vóór eind 2025 in Spanje verbleven. Iemand die nu in Ceuta aankomt, valt er niet onder. De voorstelling alsof Spanje de deur zou hebben opengezet voor iedereen die Europa wil bereiken, is niks meer dan een politiek-electorale slogan.

De Italiaanse regering deed daar nog een schep bovenop met dreigementen over extra controles op verkeer uit Spanje. Italië kan Spanje uiteraard niet uit Schengen zetten. Tijdelijke binnengrenscontroles zijn juridisch slechts in uitzonderlijke omstandigheden mogelijk, wanneer een ernstig risico voor de openbare orde of binnenlandse veiligheid kan worden aangetoond.

In dit geval was er bovendien geen geloofwaardig vooruitzicht op massale doorreis vanuit Ceuta naar Italië. De maatregel was niet bedoeld om een probleem op te lossen, maar om een probleem zichtbaar te maken voor de eigen achterban.

Dat is de performatieve politiek die Merijn Chamon in De Standaard terecht fileert: lidstaten roepen luid dat Europa beschermd moet worden, maar ondergraven ondertussen zelf het vrije verkeer en de rechtsstaat waarop die Europese samenwerking rust. Grensspektakel werkt politiek voor de nationale bühne, maar het ondergraaft het Europees beleid en dito project. 

Marokko als grenspartner

Dan is er Marokko. Bij een grensoversteek van deze omvang kan niemand ernstig doen alsof Rabat slechts een toeschouwer was. Marokkaanse autoriteiten bewaken de grens rond Ceuta mee. De vraag is dus niet óf hun optreden relevant was, maar of er sprake was van overbelasting, tijdelijke terughoudendheid of doelbewust wegkijken.

Sluitend publiek bewijs voor dat laatste is er niet. Marokko ontkent dat het migratie als drukmiddel gebruikt. Maar de hypothese komt niet uit de lucht vallen.

In mei 2021 bereikten ongeveer 8000 mensen Ceuta in twee dagen, nadat Marokko de grenscontrole merkbaar minder streng had georganiseerd. Die crisis volgde onmiddellijk op Spanje’s toelating van Brahim Ghali, leider van het Polisario Front, voor medische verzorging. Voor Rabat was dat een provocatie in het conflict over de Westelijke Sahara.

Kort daarna brak Spanje met zijn vroegere positie en schaarde het zich achter het Marokkaanse autonomieplan voor dat gebied. De politicoloog Jean-Pierre Cassarino beschreef de crisis van 2021 dan ook als een moment waarop de grens rond Ceuta zichtbaar een instrument werd in een diplomatiek conflict tussen Madrid en Rabat.

Ook de recente timing maakt politieke druk minstens plausibel.

Kort vóór de oversteek reisde Sánchez naar Algerije om de relaties met president Abdelmadjid Tebboune te herstellen. Die waren in 2022 zwaar beschadigd nadat Spanje het Marokkaanse plan voor de Westelijke Sahara had gesteund. Algerije, de regionale rivaal van Marokko en steunpilaar van het Polisario Front, schortte daarop zijn vriendschapsverdrag met Spanje op en beperkte de handel. Tijdens het recente bezoek stonden ook energie en Algerijnse gasleveringen centraal.

Marokko levert grenscontrole niet als neutrale technische dienst. Het maakt die medewerking onderdeel van een bredere onderhandeling over handel, veiligheid, diplomatieke erkenning en de Westelijke Sahara.

Dat bewijst niet dat Rabat de grensoversteek organiseerde. Maar het zijn wel omstandigheden die de verdenking voeden: een oud territoriaal conflict, een Spaanse toenadering tot Marokko’s voornaamste regionale tegenstander, en een staat die beschikt over een bijzonder efficiënt drukmiddel aan de Europese buitengrens.

Zoals Nic Lawley van Chatham House benadrukt, ontkent Marokko weliswaar publiek dat het migratie als drukmiddel inzet, maar kan de historische en diplomatieke context rond Ceuta niet los worden gezien van de spanningen met Spanje.

Cassarino omschrijft die verhouding als “reverse conditionality”. Europa stelt voorwaarden aan derde landen, maar die landen leren op hun beurt voorwaarden te stellen aan Europa. Marokko levert grenscontrole niet als neutrale technische dienst. Het maakt die medewerking onderdeel van een bredere onderhandeling over handel, veiligheid, diplomatieke erkenning en de Westelijke Sahara.

Regels die Europa ontwijkt

Europa doet intussen alsof het geen antwoord heeft: de hysterische reacties en hyperbolische slogans moet het gevoel van “crisis” versterken. Dat is onwaar.

Het Europees Migratiepact voorziet net voor grote aankomsten aan de buitengrens in screening, asielgrensprocedures en vervolgens snelle terugkeergrensprocedures. Mensen kunnen tijdens die behandeling aan de grens worden gehouden en krijgen bij een negatieve beslissing niet zomaar toegang tot het vasteland. De bestaande regels zijn dus al bijzonder hard. Er is een gegronde reden waarom het hele Migratiepact bekritiseerd wordt door ngo’s

Daarnaast is sinds 1 juli de crisis- en overmachtverordening van kracht. Die werd mede ontworpen voor situaties waarin derde landen migratie zouden faciliteren om een lidstaat of de EU onder druk te zetten. Wanneer de voorwaarden vervuld zijn, kan de EU onder meer de terugkeergrensprocedure met zes weken verlengen boven op de gewone maximumduur van twaalf weken.

De jurist Alberto Alemanno noemt Ceuta daarom terecht de eerste grote test voor dat nieuwe juridische kader. Spanje vroeg echter geen publieke beoordeling en de Commissie nam geen publiek standpunt in.

Dat stilzwijgen is veelzeggend. Marokko is geen Belarus. De EU heeft Rabat nodig voor grensbewaking, terugkeerbeleid en migratiewerend beleid, handel, veiligheid en antiterrorismesamenwerking. Een formele vaststelling dat Marokko migratie instrumentaliseert, zou daarom diplomatiek zwaar wegen. 

Grenzeloos grensspektakel?

Ceuta toont dus niet dat Europa machteloos is. Het toont dat Europa regels bezit die het liever niet toepast wanneer dat politiek ongemakkelijk wordt. De Unie besteedt grensbewaking uit aan staten die daar vervolgens – geheel voorspelbaar –  geopolitieke macht aan ontlenen. Daarna doen de lidstaten alsof zij verrast zijn wanneer die afhankelijkheid zichtbaar wordt. 

Misschien is dat uiteindelijk de meest misleidende gedachte in het hele debat: dat grenzen neutrale lijnen zijn die Europa slechts moet beschermen tegen mensen die er illegaal over proberen te raken.

Grenzen beslissen wie mag bewegen en wie moet wachten, wie bescherming kan vragen en wie wordt teruggeduwd – en vooral wie er het leven bij laat –, maar ook welke afhankelijkheid Europa aanvaardt en tegen welke prijs. En dan hebben we het in dit verhaal nog niet eens over “een positief beleid” van arbeidsmigratie: in België en Vlaanderen worden volgens de OESO toenemend drempels opgeworpen in de officiële procedure van de single permit

In Ceuta wordt die hele werkelijkheid zichtbaar. Voor Europese politici is de grens een instrument om controle te demonstreren. Voor Marokko is zij een instrument van regionale machtspolitiek.

Voor mensen aan de andere kant van het hek is zij een grens tussen uitzichtloosheid en de mogelijkheid op een ander leven – een droom voor veel geschoolde Marokkanen zoals Miriyam Aouragh schetst bij “Democracy Now” – en dat op de grens van leven en dood.

Zolang Europa alleen op die laatste groep reageert met hogere hekken, snellere terugkeer en luidere verklaringen, zal het de werkelijke politieke strijd rond zijn grenzen blijven ontkennen. En precies daardoor zal het die strijd telkens opnieuw verliezen in grenzeloos grensspektakel. 

Pascal Debruyne is doctor in de Politieke Wetenschappen. Hij is onderzoeker aan de Odisee Hogeschool/Kenniscentrum Gezinswetenschappen.

De meningen en standpunten in deze opiniebijdrage zijn die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs die van de MO*redactie.

Ontvang het beste van MO* rechtstreeks in je mailbox

Schrijf je nu in op onze gratis nieuwsbrieven en wij houden je op de hoogte van wat er gaande is in onze mondialiserende en snel veranderende wereld. 

Word proMO*

MO* heeft geen betaalmuur en is er voor iederéén. Dat kan alleen dankzij de steun van proMO*s, want diepgravende journalistiek kost tijd en geld.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in